Tal Amit van de Israëlische Plant Production and Marketing Board:

"Jaffa Orri is de beste mandarijn ter wereld"

“Met mijn dertig jaar ervaring in de citrussector en kennis van de vele verschillende rassen kan ik zeggen dat er geen beter mandarijnenras bestaat," zegt Tal Amit van het Israëlische Plant Production and Marketing Board over de Jaffa Orri mandarijn. "Zelfs onze concurrenten moeten dit beamen. Toch kent ook dit ras problemen, zoals beurtjaren."

De ontwikkeling van deze populaire late easypeeler, die al tien jaar op grote schaal geteeld wordt, heeft jaren geduurd. "We begonnen eind jaren '70 aan de ontwikkeling van dit nieuwe ras," vervolgt Amit. "Begin jaren '90 plantten we enkele proefpercelen aan. Deze veldproeven namen nog eens tien tot twaalf jaar in beslag. In de eerste helft van 2000 begonnen we resultaten van één van de rassen te zien. Toen pas hebben we het ras bij telers geïntroduceerd."

Tal vertelt dat telers wel wat twijfels hadden. "In het begin waren er wat problemen met de lage productiviteit omdat het ras nog niet volwassen was waardoor de bomen minder fruit droegen," legt hij uit. "Het duurt een poosje voordat de bomen volwassen zijn. Niet omdat de individuele bomen jong zijn maar omdat de hele generatie hybriden jong is. Na een aantal generaties bereiken de bomen hun uiteindelijke productiepotentieel."

"We hebben echter een manier gevonden om deze problemen te vermijden door gebruik te maken van allerlei agrotechnische methoden. Pas toen telers zagen dat zij 30 tot 40 ton per hectare konden oogsten, soms zelfs wel 50 ton, waren zij overtuigd." In 2006-2007 werd het ras op grote schaal aangeplant en de eerste volumes Jaffa Orri kwamen in 2008 op de markt.





Gezocht: een speciaal mandarijnenras
“We waren op zoek naar een late easypeeler, pitloos met een diep oranje kleur, een goede interne kwaliteit en die goed te bewaren was," legt Amit uit. Een bijkomend onverwacht voordeel is dat de Jaffa Orri resistent is tegen de schimmel Alternaria. Deze ziekte is een groot probleem binnen de easypeelersector en een aantal rassen is hierdoor al van de markt verdwenen. Zelfs Nova en Fortune zijn gevoelig voor deze schimmel," vervolgt Amit. "Tegenwoordig wordt ieder ras dat in ontwikkeling is eerst getest op zijn resistentie tegen deze schimmel, alvorens de andere eigenschappen worden gecheckt en voordat de ontwikkeling de tweede fase ingaat. Als het niet resistent is dan komt het niet in aanmerking voor verdere veredeling."

De gevolgen van deze schimmel zijn enorm. Israël teelde voorheen op grote schaal minneola's maar de productie is inmiddels gehalveerd vanwege Alternaria. "Aangezien de minneola een kruising tussen een grapefruit en mandarijn is, wordt de soort in dezelfde regio's geteeld als de grapefruit," vertelt Amit. "Toen de ziekte Alternaria haar intrede deed in deze streken moesten we bomen rooien." Er zijn nog wel wat minneolatelers overgebleven in Israël en over het algemeen is de markt goed met goede winstmarges voor telers. "Als men gedurende het zomerseizoen echter veel moet sproeien dan valt er maar weinig minst meer aan te behalen."

Op dit moment telt Israël zo'n 5.000 hectare aan Orri-plantages. Amit legt uit dat dit areaal niet verder zal groeien. "We hebben beperkingen aan welk fruit als Orri klasse 1 in aanmerking komt. Dit is al veel jaren zo."

Volgens Tal  werd de ontwikkeling van dit ras bekostigd door Israëlische telers. "Het ras was uitsluitend bedoeld voor telers in Israël. Nu het ras zo populair is geworden, worden we door andere landen onder druk gezet. Iedereen wil een stukje van de taart. "Hij voegt eraan toe dat het meer dan zes jaar duurde om de Europese Plant Breed Rights (PBR, kwekersrecht) te bemachtigen. 

"Terwijl men hierop wacht, kan er van alles gebeuren en kan men niet beweren dat het ras gestolen is. Pas in 2013 ontvingen we het Europese PBR. Vanaf dat moment konden we pas juridische stappen ondernemen tegen landen die op illegale wijze aan het ras waren gekomen en het zijn gaan telen voor de afzet."

"Nu gebeurt er wel wat,"  vervolgt hij. "Er zijn rechterlijke uitspraken geweest, boetes opgelegd en illegale plantages zijn gerooid." Volgens Amit moet Spanje, één van de landen die op illegale wijze aan dit mandarijnenras is gekomen, zo'n €60 miljoen aan royalty's betalen.



Op zoek naar nieuwe producten
Het veredelingsprogramma loopt nog steeds. "We zijn op zoek naar nieuwe producten," vertelt Amit. Eén hiervan is de 'bloedmandarijn'. We zijn ook op zoek naar een nieuw grapefruitras dat geen invloed heeft op bepaalde hoge bloeddruk medicijnen." Er zitten echter nog andere mandarijnenrassen in de pijplijn. "Deze nieuwe rassen zijn totaal anders. Ze hebben een totaal andere vorm dan de Orri en volgens sommigen smaken ze zelfs nog beter. De seizoenen zijn ook anders en korter dan dat van Orri. Deze mandarijnen zullen een andere naam krijgen om telers en consumenten niet in verwarring te brengen."

Op de vraag hoe hij de toekomst van het Orri-merkt inziet, antwoordt Orna Inbar, internationaal marketingspecialist van Jaffa, het volgende: "Aanvankelijk waren er voor het brandingsplan vijf jaar gepland. We bevinden ons nu in het derde jaar. Het eerste jaar was gewijd aan het opbouwen van de infrastructuur. Het tweede was gericht op digitale en B2B-marketing. Eén van de beginselen van ons plan is dat als er geen B2C-marketing is ook B2B-marketing niet gerechtvaardigd is aangezien de branding gericht moet zijn op consumenten en bewustwording van het product." 

"Dit jaar zullen we aan het einde van het seizoen ons plan analyseren," vervolgt zij. "Als er een probleem met de marketing is dan zullen wij dit oppakken. Dit besluit is genomen na een klein seizoen met lage volumes en goede prijzen. Volgens T Reputation wordt 70% van de Orri's geëxporteerd, waarbij de Franse markt goed is voor 45% van de totale export."

Hoge opbrengst betekent kleiner fruit
“Dit jaar wordt er een gemiddelde tot grote oogst verwacht. Normaal gesproken is het zo dat er in een jaar van grote productie kleiner fruit wordt geoogst. Kleinere maten vragen om andere verkoopmethoden en afzetmarkten en extra aandacht voor de prijzen. Dan kunnen we misschien het argument gebruiken dat er voor de verschillende marktsituaties voortdurend marketinginspanningen noodzakelijk zijn," vervolgt Orna. 

"Men kan de marketingkosten in de huidige situatie nooit bepalen. We moeten erin blijven investeren. Als we dit niet doen dan verliezen mensen ons merk uit het oog. Om de naamsbekendheid hoog te houden, zijn voortdurende investeringen nodig. Men moet niet alleen veel geld uittrekken voor de promotie maar het is ook cruciaal om de kwaliteit en brix op peil te houden," legt zij uit. 

Hoe staat het met de Israëlische citrussector over tien jaar? Amit denkt dat er weinig zal zijn veranderd. "We kampen in heel het land met een tekort aan grond en water. Ook zijn er veel oudere telers die geen opvolging hebben. De productiekosten zijn in Israël erg hoog. Water, arbeid en land, deze drie elementen zijn hier het kostbaarst. Als alles over tien jaar nog hetzelfde is, dan ben ik een gelukkig man," aldus Amit. 


Voor meer informatie:
www.orrijaffa.com/ 


Publicatiedatum :
©


print   

Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© AGF.nl 2019

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven