Ondernemers buigen zich alvast over bedrijfsstrategie in een nog onvoorspelbare markt

Tholen – Afgelopen dinsdagavond kwam een club van elf bedrijven uit de tuinbouwtechniek, AGF-handel en de teelt van glasgroenten, bloemen en planten voor de tweede keer online bijeen onder de noemer COFIT-20. Met vertrouwen kijkt men naar de toekomst, maar ten opzichte van eind april bleek men al wel anders over aanpassen van de bedrijfsstrategie te denken.

Op 30 april vond de eerste online meeting plaats. Waar toen, zo bleek uit een survey, meer dan de helft van de ruim honderd ondervraagde bedrijven niet direct reden zag voor een strategiewijziging, is dat inmiddels nog maar 15%. 

Maar wat moet er dan anders? En wie heeft daar invloed op? Overheid, concullega’s of de consument? Genoeg vrage om als gelijkgestemden concrete ideeën over te delen, waarbij niemand nu al ineens het roer zal omgooien. "We moeten eerst meer zicht hebben op de ontwikkelingen. Het is nu te onvoorspelbaar", verwoordde één van de panelleden het.


COFIT-20, survey 24-29 april 2020. De balans is omgeslagen, zo bleek tussen 12-18 mei in een tweede survey.

Tijd om weer ‘gas te gaan geven’
Als er een ding duidelijk is na inmiddels meer dan twee maanden corona in Nederland, dan is het dat er nog steeds continu dingen veranderen die van grote invloed zijn op de bedrijfsvoering van bedrijven die, geheel in lijn met de Nederlandse economie, grotendeels export georiënteerd zijn. Een grote rol is momenteel weggelegd voor de regering die eerst voorrang gaf aan de volksgezondheid, maar nu de gezondheidscijfers het toelaten, ook langzaamaan weer oog krijgt voor hoe de economie ervoor staat.

Gezondheid gaat voor economie, maar er zijn grenzen, zo laat de stemming onder de deelnemende bedrijven zich samenvatten. Gemiddeld zag 65% van de surveybedrijven al een omzetdaling van 32%.

Inmiddels is het tijd om ‘weer gas te geven’ als het aan de overgrote meerderheid ligt. Is de glastuinbouwsector het voorbeeld van Hollandse nuchterheid? Zeventig procent komt weer naar kantoor, kas of bedrijfshal en werkt op anderhalve meter afstand van elkaar, projecten worden van achter een beeldscherm aangestuurd (met behulp van een HoloLens van Microsoft op een helm bij een monteur bijvoorbeeld) en ook reist men weer want, hoe mooi digitaal overleggen en verkoopgesprekken voeren ook is, soms is écht live persoonlijk contact toch echt sneller/efficiënter. Al zien ondernemers sommige culturen ook veranderen; men is in China opeens toch bereidwilliger om online zaken met elkaar te doen.

Reizen
“Tachtig procent van de ruim honderd bedrijven uit de sector die wij een survey toestuurden (met vijftig procent respons) verwacht dit jaar weer in het vliegtuig te stappen”, vertelt Patricia Verbakel van Arling. Zij is de initiatiefneemster van de online bijeenkomsten en ziet dat men vrij nuchter omgaat met de situatie, zonder de gezondheidsrisico’s uit het oog te verliezen. “In Q3 rekent vijftig procent van ondervraagde bedrijven erop dat reizen voor werk weer gaat gebeuren. Nederland blijft namelijk een exportland en daarvoor zijn live contacten onmisbaar. Om diezelfde reden laat tachtig procent van de bedrijven zakelijk bezoek, al dan niet in overleg, toe.”

Jan Schuttrups van Royal Brinkman ziet dat fysiek contact snel weer prioriteit krijgt in de sector. "Veel contacten lopen nu digitaal en dat gaat goed. Maar zodra we weer mogen reizen springen we in het vliegtuig. Samen met klanten projecten ontwikkelen, gaat niet alleen maar digitaal."

Het gevaar van protectionisme
Tijdens de bijeenkomsten worden concrete tips en adviezen door de bedrijven met elkaar gedeeld zoals over de virtual reality helm en het stimuleren van teamdynamiek, vooral in de handel cruciaal, net als voeling houden met de markt. Stilaan wordt duidelijk dat er veranderingen nodig zijn bij bedrijven.

“Wat te denken bijvoorbeeld van de AGF-importeur die volledig afhankelijk is van buitenlands product”, vertelt Patricia. “Daar wordt nagedacht over andere manieren van sourcen, terwijl bij techniekbedrijf, dat voor de overgrote meerderheid exporteert op naar Verenigde Staten, de vraag ontstaat of een vestiging aan de overkant van de grote plas niet toch het overwegen waard is.”

Daarbij speelt ook toenemend protectionisme een rol, zo signaleerde Edward Verbakel van VB. "Wat me zorgen baart, is het toenemende protectionisme dat door Poetin en Trump al is ingezet. Daardoor gaan landen meer naar een zelfvoorzienende samenleving streven."

Edward streeft daarom naar (nog) meer samenwerken. "Sommige projecten zijn net zo groot als onze halve jaaromzet. Dan is het niet meer gezond om het alleen te doen, maar moeten we meer naar samenwerkingsmodellen toe."


COFIT-20, survey 2 12-18 mei. Klik hier voor een vergroting.

Techniek ziet nieuwe kansen, sierteelt (nog) niet
De coronacrisis is genadeloos en legt bij alle bedrijven de zwakke plekken bloot. Ondertussen houdt iedereen in de sector elkaar nauwgezet in de gaten en is het spannend om te zien wie waar kansen ziet. Vier op de tien ondervraagde ondernemers ziet in de nieuwe situatie kansen ontstaan, waarbij men vooral in de techniek in de nieuwe kansen die ontstaan reden ziet om de bedrijfskoers aan te passen.

In de sierteelt, misschien wel het hardst getroffen, is het wegvallen naar markten en afzetkanalen de voornaamste reden voor aanpassing van de bedrijfskoers, maar opvallend is hier dat de sector, getuige de tweede survey, geen nieuwe kansen ziet (of simpelweg momenteel geen geld om te investeren in nieuwe kansen, dat is ook niet onvoorstelbaar).


COFIT-20, survey 2 12-18 mei. Klik hier voor een vergroting.

Kopstukken en ‘kleinere spelers’
De bedrijven binnen COFIT-20 mogen dan misschien ‘kopstukken’ zijn (Agro Care, Anthura, Beekenkamp Groep, DOOR, Looye Kwekers, Hoogendoorn, Nature’s Pride, PB Tec, Royal Brinkman, Ter Laak en VB), dat neemt niet weg dat er geen oog is voor de (iets) kleinere speler. “Iedereen kijkt naar elkaar, zo zit de sector in elkaar”, aldus Patricia. “Om die reden is het ook interessant om van elkaar te horen hoe er over reizen wordt gedacht, net als over veel andere zaken. Zo passen grotere bedrijven hun bedrijfskoers vooral aan op het vlak van bezetting/capaciteit en investeringen, terwijl iets kleinere bedrijven (tot vijftig man personeel) juist extra scherp naar de rolverdeling intern kijken.”

Naast de stellingen uit de surveys en de ervaringen uit weer drie roerige weken werden als gespreksstof op 19 mei ook de vier scenario’s van landbouweconoom Krijn Poppe voor Nederland na corona besproken. Hij schetst hoe bedrijven zichzelf vragen moeten gaan stellen (over bijv. hun bedrijfskoers) én hoe in de vorm van wetten en regels bedrijven een bepaalde richting op kunnen worden gestuurd. Gaat de overheid robotisering en automatisering bijvoorbeeld stimuleren, dan heeft dat onvermijdelijk gevolgen voor de genoemde COFIT-20 bedrijven en met hen de hele sector. Met name de zorgen over de lange termijn die Poppe heeft werden door het ondernemerspanel gedeeld.

Benieuwd naar allebei de complete surveys? Bekijk hier survey I en hier survey II, met daarin o.a. ook aandacht voor een back-to-work plan.

Voor meer informatie:
Arling
www.arling.nl  

Patricia Verbakel
patricia@arling.nl 


Publicatiedatum:
Auteur:
©



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© AGF.nl 2020

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven