Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven

U maakt gebruik van software die onze advertenties blokkeert (adblocker).

Omdat wij het nieuws gratis aanbieden zijn wij afhankelijk van banner-inkomsten. Schakel dus uw adblocker uit en herlaad de pagina om deze site te blijven gebruiken.
Bedankt!

Klik hier voor een uitleg over het uitzetten van uw adblocker.

Meld je nu aan voor onze dagelijkse nieuwsbrief en blijf up-to-date met al het laatste nieuws!

Abonneren Ik ben al ingeschreven
Interview met Ricardo Menoyo, voorzitter van Agroatlas en coördinator bij Círculo de Empresarios

Kan Spanje Nederland inhalen als Europees AGF-handelsplatform?

Onlangs presenteerde de ondernemersdenktank Círculo de Empresarios haar standpunt over de Spaanse AGF-sector. Daarin benadrukt het dat Spanje, dankzij decennia van modernisering, inmiddels tot de meest concurrerende landen ter wereld behoort. Deze denktank, opgericht in 1977, telt meer dan 200 ondernemers en topmensen uit het Spaanse bedrijfsleven. Hun doel is om de maatschappelijke waarde van ondernemerschap zichtbaar te maken – als bron van werkgelegenheid, welvaart en vooruitgang – en het ondernemerschap te stimuleren.

© Agroatlas

We spraken met Ricardo Menoyo, voorzitter van Agroatlas Europa en coördinator van de AGF-afdeling binnen het Círculo. Hij benoemt de belangrijkste uitdagingen voor de Spaanse AGF-sector, doet voorstellen en deelt zijn visie op hoe Spanje zijn positie op de wereldmarkt kan versterken.

"Voedselsoevereiniteit is net zo belangrijk als zorg, onderwijs, veiligheid of energie. Daarom nemen we als Círculo hier stelling in. Bovendien levert de tuinbouw directe economische waarde op: Spanje is de derde exporteur van groenten en fruit wereldwijd, na China en Nederland."

Wat zijn de grootste uitdagingen voor de Spaanse AGF-sector?
"De kosten stijgen aan alle kanten: energie, grondstoffen, arbeid, water... Tegelijkertijd groeit de concurrentie, vooral van landen met lagere loonkosten zoals Turkije, Egypte, Marokko en zelfs Albanië dat zich in Oost-Europa opdringt."

"Daarnaast wordt het de sector steeds moeilijker gemaakt door een overdaad aan regels: het Europese landbouwbeleid (GLB), milieunormen, het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen… Dat alles verstikt ons. Je hoort vaak: in Europa weet men vooral hoe je moet reguleren, maar niet hoe je praktische oplossingen biedt."

"Water is een ander probleem: er is weinig beschikbaarheid, te weinig infrastructuur, en bovenal: gebrek aan planning. We moeten verder vooruit kijken dan alleen vandaag."
"Ook de versnippering van het aanbod is een zwakte. Er zijn te veel kleinschalige telers, waardoor er intern concurrentie ontstaat. Dat ondermijnt onze onderhandelingspositie tegenover supermarkten."

"De prijzen zijn bovendien enorm grillig. Telers weten nooit zeker of het gewas dat ze nu zaaien straks ook iets opbrengt. Klimaat, markt, alles speelt mee. Het voelt vaak als gokken."
"En dan is er het gebrek aan opvolging. Jongeren kiezen zelden voor het telersbestaan. Het is moeilijk om talent aan te trekken naar het platteland."

Wat moet er gebeuren? Wat stelt het Círculo voor?
"Aan de politiek zeg ik: gebruik je gezonde verstand. Veel problemen komen niet van buitenaf. Ze zijn ontstaan door beleid en kunnen dus ook opgelost worden door beleid. Kijk bijvoorbeeld naar de arbeidswetgeving: die is totaal onlogisch voor een sector die werkt met seizoenen. We hebben flexibele arbeidsregels nodig, die recht doen aan het werk op het veld, natuurlijk mét bescherming voor de werknemer."

"Er moeten fiscale prikkels komen, zodat bedrijven kunnen groeien of fuseren. Het is niet genoeg dat de staat belasting int. Ze moet ook investeren, stimuleren en waarde toevoegen."
"Op het gebied van water pleiten we voor meer geld voor efficiënt irrigeren, hergebruik, ontzilting en technologische oplossingen. We hebben een nationaal waterplan nodig, met logische, simpele regels en tarieven die verstandig watergebruik belonen."

"Henry Ford zei ooit: 'Landbouw is makkelijk als je ploeg een potlood is en je kilometers ver van het veld zit.' Ik zou zeggen: laat wetgevers eerst eens luisteren naar wie het echte werk doet, voordat ze nieuwe regels bedenken."

"Daarnaast moet ook de sector zelf in actie komen. Meer samenwerking tussen bedrijven, meer investeren in technologie, logistiek en automatisering. Alleen dan krijgen we meer grip op de keten."

© Agroatlas

Spanje teelt veel, maar lijkt weinig grip te hebben op de markt. Hoe komt dat?
"Laat me een wedervraag stellen: waarom is Nederland, dat in oppervlakte tien keer kleiner is dan Spanje, de op een na grootste exporteur van groenten en fruit ter wereld? Omdat ze meesters zijn in het organiseren van de keten. Via Nederland gaan jaarlijks 18 miljoen ton producten. Ze investeren in logistiek, gebruiken hun ligging slim, en spelen een hoofdrol als re-exporteur. Dat is de sleutel: niet alles zelf telen, maar slim handelen."

Kan Spanje die commerciële spilfunctie ook vervullen?
"Dat is precies wat er in het rapport van Roland Berger staat: we moeten stoppen met onszelf alleen als teler te zien, en ons ook ontwikkelen tot spil in de waardeketen. Onze handelsconnecties met Latijns-Amerika kunnen daarin een sleutelrol spelen. Spaanse handelskennis en Latijns-Amerikaanse productiecapaciteit vullen elkaar perfect aan."

"Veel grote Latijns-Amerikaanse teeltbedrijven willen minder afhankelijk zijn van de VS. Tot nu toe exporteerden ze naar Europa via importeurs, maar ze willen nu echt voet aan de grond krijgen via partnerschappen. Spanje is aantrekkelijk vanwege cultuur, taal en levenskwaliteit; Nederland vanwege de logistiek."

"Tuurlijk helpt de ligging van Nederland. Maar als wij investeren in onze logistiek – het Middellandse Zeecorridor, zeevervoer, betere organisatie – kunnen wij ook die rol op ons nemen. Dan kunnen we producten verkopen, jaarrond, met een breder aanbod. En meer controle over de keten betekent betere marges en sterkere onderhandelingsmacht."

Is dat niet nadelig voor Spaanse producten?
"Alleen als we het niet zelf in de hand houden. Als wij de import overlaten aan anderen, raken we de grip kwijt. Kijk naar Marokko. Hun tuinbouw zit nu grotendeels in handen van importeurs uit Perpignan. Wat als wij, zoals Nederland dat ooit met Almería deed, vanaf het begin de regie hadden gepakt over de teelt en de afzet van Marokkaanse producten? Dan waren we nu, nog meer dan nu al, marktleider."

"Met een ruimer aanbod kunnen we de seizoenen overbruggen, twaalf maanden per jaar actief zijn. Dat drukt onze vaste kosten en versterkt onze positie. Maar goed, daar kunnen we nog lang over doorpraten."

De volledige analyse van het Círculo de Empresarios is te vinden op www.circulodeempresarios.org.

Voor meer informatie:
Agroatlas
[email protected]
https://agroatlas.es

Gerelateerde artikelen → Zie meer