"Nederlandse telers en tuinders krijgen plannen vrij goed gefinancierd"

Ten opzichte van andere lidstaten in de Europese Unie gaat de financiering van de landbouw- en tuinbouwsector in Nederland momenteel vrij goed. Dat stelt het onderzoeksbureau FI-compass, dat in opdracht van de Europese Commissie een rapport uitbracht waarin een inschatting is gemaakt van de niet-beantwoorde financieringsvraag van de landbouwsector in Nederland.

FI-compass heeft een inschatting is gemaakt van de niet-beantwoorde financieringsvraag van de landbouwsector in Nederland. De onderzoekers schatten deze op 73 tot 303 miljoen euro op een jaarlijks totale agro-financieringsbehoefte in Nederland van 4,5 miljard euro, dat komt overeen met 1,7% tot 6,7%.

Het percentage financieringsaanvragen dat wordt geweigerd ligt in Nederland in dezelfde orde van grootte als in Frankrijk en Denemarken. In de meeste andere landen van de Europese Unie, ook in de buurlanden Duitsland en België, liggen die percentages veel hoger.

Naast FI-compass heeft Wageningen Economic Research heeft op verzoek van minister Schouten van LNV in kaart gebracht in hoeverre de land- en tuinbouwsector problemen ondervindt bij het financieren van het bedrijf.

De vermogenspositie in de land- en tuinbouw is sinds 2001 in alle sectoren sterk toegenomen. Door schaalvergroting en waardestijging van duurzame productiemiddelen nam het gemiddelde vermogen op een bedrijf toe van 1,5 miljoen euro in 2001 tot 3,5 miljoen euro in 2018. Tegelijkertijd steeg ook het totaal aan bankleningen in de landbouwsector van 18 miljard euro in 2001 tot 33 miljard euro in 2018.

Bankleningen zijn in de land- en de tuinbouw nog steeds de belangrijkste bron van lang vreemd vermogen. Door de lage rentestand zijn de financieringslasten in de afgelopen jaren desondanks gedaald. In 2014 bedroegen de financieringslasten gemiddeld 30.000 euro per bedrijf, in 2018 was dat gedaald naar 22.000 euro.

Land- en tuinbouwbedrijven realiseren over het algemeen een laag rendement op eigen vermogen. Hierdoor zijn andere partijen dan banken minder geïnteresseerd in de financiering van de primaire land- en tuinbouw. Toch neemt de kredietverstrekking door andere partijen wel enigszins toe.

Minister Schouten van LNV concludeert dat de financiering voor in de kern financieel gezonde bedrijven geen majeur probleem is voor de primaire agrarische sector in Nederland als het gaat om de gebruikelijke investeringen. Er zijn wel specifieke situaties waarbij de financiering moeilijker ingevuld kan worden zoals bij de start van een bedrijf of een bedrijfsovername. Ook bij omschakeling die gepaard gaan met aanloopverliezen kan financiering een probleem zijn.

Meer informatie is te vinden in de rapporten Financiering transitie naar duurzame landbouw van Wageningen University & Research en Financial needs in the agriculture and agri-food sectors in the Netherlands van FI compass.

Bron: Ministerie van LNV


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© AGF.nl 2021

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven