U maakt gebruik van software die onze advertenties blokkeert (adblocker).

Omdat wij het nieuws gratis aanbieden zijn wij afhankelijk van banner-inkomsten. Schakel dus uw adblocker uit en herlaad de pagina om deze site te blijven gebruiken.
Bedankt!

Klik hier voor een uitleg over het uitzetten van uw adblocker.

App icon
FreshPublishers
Openen in de app
OPENEN

Veldproeven met genetisch gemodificeerde aardappelen in 2026 van start

In samenwerking met het ministerie van Landbouw, Visserij, Voedselzekerheid en Natuur (LVVN) start Wageningen University & Research (WUR) in 2026 met nieuwe veldproeven van genetisch gemodificeerde aardappelen. De aardappelen die in de veldproeven worden getest, zijn genetisch aangepast door meerdere genen toe te voegen of uit te schakelen. Deze aanpassingen zorgen ervoor dat de aardappelen resistent zijn tegen ziekten en plagen, waaronder de aardappelziekte die veroorzaakt wordt door Phytophthora infestans.

© WUR

De onderzoekers verwachten dat het gebruik van pesticiden aanzienlijk lager kan uitvallen voor deze resistente rassen. Er zal worden onderzocht hoe goed de resistenties werken en hoe de gewasbescherming hierop kan worden aangepast.

De start van de veldproef is een volgende stap in de ontwikkeling van genetisch gemodificeerde aardappelen. De laatste veldproef, die in het kader van het DuRPh-project werd uitgevoerd, dateert van 11 jaar geleden. Toen werden extra resistentie-genen tegen Phytophthora 'ingebouwd' in populaire aardappelrassen. Phytophthora is een hardnekkige aardappelziekte die grote schade aan de oogst kan veroorzaken en daardoor zeer intensief bestreden wordt met pesticiden. Met name planten met meerdere resistentiegenen bleken bijzonder resistent tegen Phytophthora, in tegenstelling tot de aardappelplanten die geen of slechts één resistentiegen hadden.

De aardappelen uit het DuRPh-project zijn echter niet als aardappelras op de markt gekomen. Dit komt door de manier waarop het resistentiegen was ingebouwd. Dit was niet gedaan door klassieke veredeling, maar via transformatie. Dit is een technologisch 'hulpmiddel', waardoor een genetisch gemodificeerde aardappelplant ontstaat. Het gebruik van genetisch gemodificeerde planten valt in de Europese Unie onder regelgeving die leidt tot een langdurig, kostbaar en onzeker toelatingsproces. Bovendien is na een goed doorlopen toelating, de marktacceptatie nog steeds onzeker.

Verbeterde techniek

Sindsdien is de techniek verder ontwikkeld en kunnen er door middel van genoom-editing ook kleine, zeer gerichte wijzigingen in het DNA van planten worden aangebracht. Dit worden 'Nieuwe Genomische Technieken' (NGT's) genoemd. Deze technieken leiden tot planten die in principe ook met klassieke veredeling gemaakt kunnen worden, waardoor er geen nieuwe veiligheidsrisico's voor deze planten zijn.

In klassieke veredeling worden dezelfde resistentie genen worden gebruikt, maar door het trage selectieproces komen nieuwe rassen die resistent zijn tegen meerdere ziekten en plagen maar langzaam beschikbaar voor de teelt. Met genetische modificatie en NGT's kan de veredeling van ziekteresistente rassen flink worden versneld.

In de EU loopt een wetgevingstraject om planten gemaakt met NGT's vrij te stellen van de toelatingsprocedure voor genetisch gemodificeerde planten. Omdat deze nieuwe proeven laten zien wat de toepassing van genoom-editing en NGT-planten in de praktijk betekent, kunnen de proeven ook helpen om in Nederland een maatschappelijke discussie rond NGT-planten en duurzaamheid te voeren.

Bron: WUR

Publicatiedatum:

Gerelateerde artikelen → Zie meer