Dit gebeurt in het kader van het NGPI-project, dat 'Next-Generation Product Identification' betekent. "Dit is ingestoken door de groeiende vraag naar productinformatie door de consument, die deze informatie gemakkelijk kan opvragen via smartphone of tablet", zegt Frits van den Bos, Manager Innovatie bij GS1 Nederland. "Bovendien bepaalt Europese wetgeving dat elke webshop vanaf 2014 de etiketinformatie van voorverpakte levensmiddelen online beschikbaar moet stellen. Dat zou betekenen dat bij een geringe wijziging van het etiket van een product, een ook nieuwe GS1-artikelcode nodig zou zijn. Dat lijkt in het huidige systeem en de wijze waarop het bedrijfsleven met productidentificatie via barcodes omgaat, onhaalbare kaart."
Verschillen zichtbaar maken
Nieuwe smaken krijgen natuurlijk een nieuw artikelnummer. En ook is het gebruikelijk dat fabrikanten bij toevoeging van een nieuw allergeen ook de barcode aanpassen, om de gezondheid van consumenten niet in gevaar te brengen. Maar het kan ook zijn dat er geleidelijk aan iets in de samenstelling van een product verandert. "Veel natuurlijke ingrediënten kunnen anders van samenstelling zijn, al naar gelang het gebied waarin de gewassen zijn geteeld, of het aantal zonuren", legt Van den Bos uit. "En wat te denken van fabrikanten die stapsgewijs het zoutgehalte verlagen. In de werking van de huidige logistieke systemen zijn deze verschillen vaak onzichtbaar. Maar de digitalisering in de maatschappij vraagt dat we deze productvarianten in onze ketenprocessen kunnen gaan onderscheiden.Geleidelijke invoering
De concretisering van de nieuwe standaard voor product-identificatie is nu nog onderwerp van onderzoek en discussie binnen het NGPI-project van het Consumer Goods Forum, waarin naast toonaangevende retailers en fabrikanten ook vertegenwoordigers van GS1 Global en van GS1-organisaties uit verschillende regio's zijn vertegenwoordigd. "De invoering van de nieuwe standaard zal geleidelijk aan gebeuren, waarbij we zoveel mogelijk rekening houden met bestaande processen en systemen", zegt Van den Bos die namens Nederland deel uitmaakt van de Europese vertegenwoordiging binnen het NGPI-project. "Dat maakt het complex. Het moet ook een standaard zijn, die rekening houdt met toekomstige ontwikkelingen in een wereld die steeds verder digitaliseert."Bestaande systemen en technologieën
Volgens Van den Bos is er eind dit jaar meer duidelijkheid over de concrete invulling van het nieuwe systeem voor product-identificatie. "Daarbij kijken we binnen het NGPI-project ook naar bestaande best practises, zoals in de visserij, waar een systeem bestaat dat consumenten via informatie op de verpakking in staat stelt om online snel en eenvoudig te traceren wanneer en waar de vis is gevangen die zij willen kopen. Het is een van de vele voorbeelden van bestaande systemen en technologieën die we binnen NGPI onderzoeken. In december doen we een aanbeveling aan het bestuur van het Consumer Goods Forum, dat retailers en leveranciers vertegenwoordigt."Oplossingen op lange én korte termijn
Dit zal een aanbeveling zijn voor een oplossing die op de lange termijn moet werken. Maar gezien de Europese wetgeving die vanaf 2014 volledige online etiketinformatie voor webshops verplicht stelt, moet er op de korte termijn ook een oplossing komen. "Daarom is GS1 Nederland betrokken bij het GS1-overleg waarin we op Europees niveau overeenstemming willen krijgen over die korte termijn oplossing", zegt Van den Bos.Afbreukrisico
Het succes van elke oplossing staat of valt met correcte productinformatie. Als het alleen om de logistieke variabelen gaat, is dit al een taai dossier. Nu daar ook nog etiketinformatie voor consumenten bijkomt, dringt het volgens Van den Bos tot het bedrijfsleven door, dat juiste productinformatie onontbeerlijk is. "In de huidige informatiemaatschappij moeten merkhouders zich realiseren dat hun producten en merken voor een groot deel bestaan uit de juiste consumenteninformatie. Het afbreukrisico voor merkhouders is te groot om dit nu niet goed op te pakken."Bron: GS1 Nederland