Rusland wil minder afhankelijk zijn van import groenten en fruit

Rusland gaat komende jaren, mede als gevolg van de coronacrisis, extra inzetten op voedselzekerheid. Hetzelfde geldt voor de andere landen uit de Euraziatische Economische Unie Kazachstan, Wit-Rusland, Armenië en Kirgizië. De vraag is of deze landen voldoende budget kunnen vrijmaken voor grootschalige investeringen in de agrofoodsector. Dat zegt Meeuwes Brouwer. Hij is als landbouwraad werkzaam op de Nederlandse ambassade in Moskou.

Geen voedseltekorten
Van voedseltekorten was afgelopen maanden in Rusland geen sprake. De schappen waren redelijk gevuld. Beelden van lange rijen mensen voor winkels in de sovjet-tijd staat bij een deel van de Russische bevolking nog in het geheugen gegrift. Het bericht van de overheid was steeds: er is geen reden voor paniek, want er zijn voldoende voedselvoorraden om winkels nog maanden te bevoorraden. “Dat klopt ook wel, want de landbouwproductie is afgelopen jaren behoorlijk toegenomen”, zegt Brouwer. “De gespannen politieke verhoudingen tussen Rusland en vooral Westerse landen en de sancties over en weer, waren reden voor Rusland om de afgelopen jaren flink te investeren in de agrofood-keten. Met succes, er is afgelopen maanden maar weinig gehamsterd.”

Importbeperkingen bleven
Op een gegeven moment ging in Rusland het bericht rond dat de Russische tegensancties en daarmee de importbeperkingen voor landbouwproducten uit onder andere de Europese Unie zouden worden ingetrokken. Met als doel de voorraden in eigen land op te krikken. Het verhaal sijpelde door naar media in Nederland. Brouwer: “Ik werd onmiddellijk gebeld door exporteurs van aardappelen, fruit, zuivel en vlees. Het bericht bleek niet waar. Voor Nederlandse exporteurs jammer, maar ik kon er niets anders van maken. Overigens is de grens wel gedeeltelijk opengegaan na pleidooien van voedselverwerkende bedrijven in Rusland. Van sommige voedingsingrediënten ontstond een tekort, bijvoorbeeld die voor babymelk. Voor die producten is de importban opgeheven.”

Gedrag consumenten is veranderd
Het gedrag van consumenten is tijdens de coronacrisis veranderd, constateert Brouwer. Samengevat. En ook: meer houdbare producten in plaats van vers. De vraag naar producten met een zuiverende werking zoals uien en gember is aanzienlijk gestegen. “Ik verwacht dat deze veranderingen blijvend zijn, in elk geval deels.”

Overheid zet in op voedselproductie
De coronacrisis heeft behoorlijke invloed op het overheidsbeleid in Rusland en de omringende landen. Voedsel staat nog hoger op de prioriteitenlijst. “Corona maakt duidelijk dat voedselzekerheid geen vanzelfsprekendheid is. De sancties waren al reden om hier fors in te zetten op ontwikkeling van de eigen landbouwproductie. De noodzaak daartoe wordt nu nog meer gevoeld dan afgelopen jaren.”

Helemaal op eigen benen
Dat kan consequenties hebben voor de Nederlandse agrofoodsector. Tot nu toe kon een aantal sectoren nog vrijelijk naar Rusland exporteren. Dat gold met name voor producenten van fokvee en plantaardig uitgangsmateriaal, zoals zaden en jonge fruitbomen. Ook technologiebedrijven in de melkveehouderij en bijvoorbeeld glastuinbouw konden hun producten in Rusland kwijt. Dat kan mogelijk veranderen, zegt Brouwer. “Rusland, Kazachstan en Oezbekistan willen volledig op eigen benen staan, ook op het terrein van dierlijk- en plantaardig uitgangsmateriaal en technologie. Ofwel groentezaden, pootaardappelen, landbouwmachines en kassen uit eigen land.”

Voldoende budget voor investeringen?
Die omslag gebeurt niet van vandaag op morgen. “In de tussentijd kunnen de bedrijven die hier actief zijn gewoon doorgaan met exporteren. Bovendien is het vraag of de overheden voldoende budget hebben voor subsidieprogramma’s in de agrosector. Dat wordt een moeilijk verhaal. De coronacrisis heeft er hier ook fors ingehakt. Kortom, op korte termijn verandert er weinig, maar de koers is duidelijk: onafhankelijkheid van het buitenland op het terrein van voedsel.”

Kansen voor leveranciers van kennis
Voor de verdere opbouw van de agrofoodsector is kennis nodig. Dat moet worden ingekocht in het buitenland. Nederland staat vrij vooraan in de rij, weet Brouwer. “Tot voor kort was hier weinig bereidheid om voor kennis te betalen. Dat begint te veranderen. Het besef groeit dat niet alleen een glimmende melkrobot waarde heeft, maar ook kennis. Daar kunnen Nederlandse kennisbedrijven en -instellingen op inspelen.”

Bron: Rijksoverheid


Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


© AGF.nl 2020

Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven