Redding nabij voor bananenteelt

De bananenziekte Panama disease bestrijden door de verwekker razendsnel op te sporen. Dat is de kern van het onderzoek dat 7 aio’s en 14 fellows, verdeeld over drie onderzoeksscholen de komende vijf jaar gaan verrichten. Waar het tot voor kort vier tot zelfs zes maanden duurde voor je de veroorzaker van de gevreesde Panama disease kon aantonen, hebben onderzoekers van Plant Research International (PRI) nu een methode in handen om binnen zes uur uitsluitsel te geven. “Die diagnostiek willen we binnen dit nieuwe project nog verder verfijnen”, zegt projectleider dr. Gert Kema . “Bovendien willen we een goed quarantaineprotocol ontwikkelen, waarmee de regionale en internationale verspreiding van deze ziekte hopelijk tot staan wordt gebracht.”

Qua ernst kan Panama disease zich zonder enig probleem meten met de vreselijkste epidemieën in landbouwgewassen, zoals aardappelziekte, stelt Kema. “Vooral dankzij de beruchte Irish Famine, de aardappelschaarste en de bijbehorende hongersnood in Ierland in 1845, heeft Phytophthora infestans een dramatische reputatie. Maar ik durf te stellen dat Panama disease, veroorzaakt door de schimmel Fusarium, minstens zo schadelijk is. We moeten immers niet vergeten dat de banaan, die wij vooral als fruit en ‘snack’ kennen, in grote delen van de wereld het basisvoedsel is.”

Fusarium heeft de bananenteelt in Centraal en Latijns-Amerika in het verleden al dramatisch ontwricht, met grote sociale implicaties. De nu opkomende Tropical Race 4 stam (TR4) van de schimmel dreigt dat opnieuw te doen in Azië. Een bananenteler die deze schimmel op zijn plantage aantreft, heeft eigenlijk maar één optie: de hele boel opdoeken, ontsmetten en opnieuw beginnen. Want een plant die eenmaal besmet is, valt niet meer te behandelen en de grond blijft tientallen jaren besmet. Voor bananentelers, en zeker ook voor de families die afhankelijk zijn van het werk op de plantages, is dit de meest gevreesde ziekte.”

Snelle DNA-test

De komende jaren zal een internationaal en vooral ook multidisciplinair consortium onderzoeken hoe je kunt voorkómen dat het zover komt. De basis voor betere bestrijding van Panama disease werd vorig jaar gelegd, met het beschikbaar komen van een snelle DNA-test voor de verantwoordelijke schimmel. Kema: “In plantmateriaal en in bodemmonsters kunnen we nu binnen zes uur het DNA van de ziekteverwekker aantonen. Daarmee maak je het in principe mogelijk om besmette planten snel te herkennen en te vernietigen. Op die manier kun je mogelijk voorkómen dat de ziekte zich verder verspreidt over een plantage.”



Eén van de doelen van het 3 miljoen euro grote project, dat de komende vijf jaar door het Interdisciplinary Research and Education Fund (INREF) van Wageningen UR en door vele co-financiers mogelijk wordt gemaakt, is om die snelle DNA-test ook geschikt te maken voor watermonsters. “Bovendien willen we de test ook kwantitatief maken”, vertelt Kema. “Nu is de uitslag van de test een ‘1’ of een ‘0’, de schimmel zit er wel of niet. Maar als je weet hoe ernstig een besmetting is, kun je ook kijken of er nog alternatieve behandelingsopties zijn. Die alternatieve opties willen we ook gaan ontwikkelen, zodat niet meteen de hele plantage opgedoekt hoeft te worden. We willen de ziektebeheersing daarmee rationeler maken. Daarmee krijgen telers hopelijk een alternatief voor de complete vernietiging van hun plantage.”

Monocultuur

Panama disease was in de jaren vijftig van de vorige eeuw een enorm probleem. Vooral in Midden-Amerika sneuvelden vele plantages door de bodemschimmel Fusarium oxysporum f.sp. cubense. De problemen leken zo goed als opgelost door de wereldwijde introductie van het resistente bananenras Cavendish. “De exportmarkt van bananen is nu feitelijk een monocultuur van Cavendish”, zegt Kema, “en ook op lokale markten is Cavendish het belangrijkste ras. Dat is een groot probleem, sinds in de jaren negentig in Azië de schimmelstam TR4 is opgedoken. Cavendish blijkt extreem vatbaar voor deze nieuwe veroorzaker van Panama disease. De schimmel verspreidt zich razendsnel in heel Zuid-Oost Azië.”



Behalve met snelle diagnostiek willen de onderzoekers van het internationale consortium de ziekte ook met beter management proberen te stoppen. “We zullen een effectief quarantaineprogramma moeten opzetten. Daarvoor zitten er niet alleen plantenziektekundigen in het consortium, maar vooral ook bodemkundigen en sociologen, en wordt het programma mede gecoördineerd door Wageningen UR collega’s van de vakgroepen Landdynamiek en Technologie en Agrarische Ontwikkeling. De sociale impact van een besmetting is enorm. De sleutel ligt voor een deel ook in een betere sociale organisatie. Op de Filipijnen praten veel van de kleinere en zelfs de grote bananentelers nauwelijks met elkaar. Dat zal moeten veranderen, wil je de verspreiding van de schimmel kunnen stoppen.”

Geen bananenland

Dat Nederland, als coördinerend land voor dit project, geen ‘bananenland’ is, is eerder een voordeel dan een nadeel, benadrukt Kema. “Omdat wij geen bananen telen, zitten er ook minder restricties aan het werk met de planten en de schimmels. Wij kunnen met een relatief klein risico in kassen met nieuwe plantenlijnen werken. Zo gaan we op zoek naar plantenlijnen of genen die resistentie tegen TR4 zouden kunnen dragen. In bijvoorbeeld Australië, waar ook veel onderzoek wordt gedaan, is Panama disease een quarantaine ziekte. Daar zitten dus heel veel praktische beperkingen aan het onderzoek.”

Om diezelfde reden wordt er bij PRI ook veel onderzoek gedaan naar ‘die andere grote bananenziekte’, Black Sigatoka. Kema: “Ook deze ziekte wordt veroorzaakt door een schimmel. Maar dat is er eentje die nog wel op de plant te bestrijden is. Deze schimmel is de reden dat er in de bananenteelt nog enorm veel gif wordt gebruikt. Ook dat probleem pakken we aan in Wageningen, zij het met andere projecten."

Nieuwe banaan

Als over vijf jaar het INREF-project wordt afgerond, hoopt projectleider Kema niet alleen snelle, routinematige controle op Panama disease mogelijk te maken. “We moeten dan ook een goede sociale structuur hebben opgezet om de verspreiding van de schimmel te voorkómen. En we werken aan nieuwe rassen die dankzij genen uit wilde bananen resistent zijn tegen TR4. Ik overdrijf niet als ik zeg dat je daarmee de wereldwijde bananenteelt kunt redden.”

Voor meer informatie:
Gert Kema
Plant Research International
gert.kema@wur.nl

Bron: Nieuwsbrief Plant Research International (PRI)

Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven