Jochen Möller, Ambassade Bondsrepubliek Duitsland:

“De band tussen Nederlanders en Duitsers wordt alleen maar sterker”

Duitsland: onze belangrijkste handelspartner, onze grote buur. Zo dichtbij en zo vanzelfsprekend. De verwevenheid – taalkundig, historisch, cultureel – is groot en toch is juist daar nog best winst te boeken. “Duitsers en Nederlanders ‘verstaan’ elkaar tamelijk goed, vaak ook letterlijk. Maar juist dan kun je het verschil maken door net dat beetje extra moeite te doen voor de ander.”



Jochen Möller, hoofd Economische afdeling van de Ambassade van de Bondsrepubliek Duitsland in Den Haag, kent Nederland goed. Voor zijn huidige functie werkte hij een jaar op het Ministerie van Buitenlandse Zaken in Den Haag, waar hij onder andere beleidsstukken over de Maghreblanden schreef. Inmiddels woont hij twee jaar in Nederland. Möller is bedachtzaam, geen man van snelle conclusies. Hij laat zich niet graag verleiden om de verschillen of gelijkenissen tussen Duitsers en Nederlanders in enkele makkelijke pennenstreken te schetsen. Belangrijker volgens hem: hoe ga je met elkaar om. En dan is het beter om niet uit te gaan van wat je dénkt te weten.

Voor een klein land als Nederland is een grote buur als Duitsland vanzelfsprekend heel belangrijk. Veel Nederlanders weten dat. Leeft dit ook bij Duitsers, weten ze bijvoorbeeld dat Nederland en Duitsland belangrijke handelspartners zijn?

“Op het gebied van zuivel en agrarische producten wel. Ik denk dat iedere Duitser weet dat zuivel, bloemen en groenten ontzettend vaak uit Nederland komen. Dat zien ze ook, op vrachtwagens, verpakkingen, en dankzij Frau Antje natuurlijk. Andere terreinen zijn minder zichtbaar. Denk je aan energie en grondstoffen, dan is de band met Nederland niet zo goed bekend bij een groot publiek. Bij havens denken mensen meteen aan Hamburg en Bremerhaven, daar zijn ze zelf vaak ook geweest. Rotterdam hebben ze niet altijd zelf gezien. Maar dat er via Rotterdam meer goederen naar Duitsland gaan dan via de Duitse havens bij elkaar, zal minder bekend zijn. De haven van Rotterdam heeft zelfs een Duitslanddesk en daar hebben wij veel contact mee."

Nederlanders en Duitsers zijn buren, maar hoe goed kennen ze elkaar eigenlijk?

“Een grote groep Duitsers vindt Nederland interessant en niet alleen als vakantieland. Nederland heeft al lang het imago van een modern land met open, weinig formele mensen, er wordt veel gefietst, dat vindt men leuk. Veel Duitse jongeren kiezen ervoor om Nederlands te leren. Er hebben zelfs nog nooit zoveel Duitse jongeren in Nederland gestudeerd als nu: 20.000 maar liefst. Banden tussen Nederland en Duitsland zijn er altijd al geweest. Cultuur en economie zijn sterk met elkaar verweven. Met name in de deelstaat Nordrhein-Westfalen vind je makkelijk mensen die al een band hebben met Nederland. Nederland en Duitsland hebben over het algemeen dezelfde belangen in Brussel. De internationale positie, onze doelstellingen maar ook de instelling van mensen komt sterk overeen. Er zijn ook belangrijke verschillen, maar die hoeven, denk ik, niet in de weg te zitten. Het is wel goed je ervan bewust te zijn dat Nederlanders geen Duitsers zijn, en Duitsers geen Nederlanders.”

Waar laat zich dat zien op het zakelijke vlak?

“In Duitsland bestaat van Nederlanders het beeld van handelaren, mensen met een liberale en flexibele, maar ook doelgerichte instelling. Ook als het om de economie gaat. Dat zie je bijvoorbeeld aan het eigen huis, hoe Duitsers en Nederlanders daar tegenaan kijken. Er zijn bedrijven die hebben geprobeerd het Nederlandse hypotheekproduct in Duitsland op de markt te zetten, maar dat bleek geen succes. Duitsers willen hun huis gevoelsmatig in eigendom hebben, waar Nederlanders het eigen huis veel meer zien als een slimme investering. Financieel interessant als je het zakelijk benadert. Iets dat ik herken in de Nederlandse politiek, bijvoorbeeld als het gaat om de liberalisering van de energiemarkt. Nederland hoeft niet alles in eigendom te hebben en gaat daarin veel verder dan Duitsland."

Nederlandse ondernemers kijken al snel naar Duitsland als ze nieuwe markten willen betreden. Ziet u nog kansen voor nieuwe initiatieven?

“Ik denk dat ondernemers deskundig genoeg zijn op hun eigen terrein om kansen te herkennen, want die zijn er zeker. Er zijn al veel bedrijven die een moeder of dochter in het andere land hebben en ook direct investment vanuit Nederland in Duitsland en vice versa is hoog. Maar daarmee blijven er genoeg mogelijkheden over. Ik denk zelfs dat de band tussen Nederlanders en Duitsers alleen maar sterker wordt, ook in het ondernemerschap. Grensoverschrijdend ondernemen neemt eigenlijk alleen maar toe. Kijk maar naar de Deutsche Bank, die actiever is geworden in Nederland omdat het de zakelijke klanten heeft overgenomen van ABN AMRO. Maar ook heel veel kleine bedrijven investeren vanuit de grensstreek in Nederland, en omgekeerd. De stap om over de grens te gaan is klein, zeker in de grensstreek."

Welke markten bieden nog kansen?

“De ondernemers, die al actief zijn in Duitsland, weten dit natuurlijk al wel, maar bijvoorbeeld op het gebied van energie staat Duitsland voor grote uitdagingen. Op termijn gaan alle kerncentrales in Duitsland dicht en daarom wordt nu gewerkt aan alternatieven. Dat biedt natuurlijk kansen aan bedrijven op het gebied van zonne-energie en biobrandstof. Ik denk bijvoorbeeld aan bedrijven die een oplossing hebben voor de opslag van duurzame energie. Hoe kun je energie die gedurende de dag wordt opgewekt, vastleggen voor gebruik ’s nachts, zeker als het grootschalig wordt? Duurzame energie is een terrein dat zich voortdurend ontwikkelt en er zullen
steeds nieuwe en betere oplossingen nodig zijn. Daar kan de Nederlandse technologie zeker ook aan bijdragen. Ik ben er zelf nog niet geweest, maar heb gehoord over plannen voor grootschalige algenteelt voor energieopwekking in Wageningen. Dat klonk heel interessant.

Kunt u aangeven wat een sterk punt is van Nederlands bedrijven?

“Nederland houdt van innovatie en organisaties zijn daar goed op ingericht, vind ik. Er is wat ik zou willen noemen een open, weinig formele bedrijfscultuur. Daardoor worden er sneller nieuwe dingen geprobeerd. Dat zie je in Duitsland ook wel, zeker bij grote internationale bedrijven. Het is een bedrijfscultuur waar heldere doelstellingen worden geformuleerd en vervolgens wordt daar stevig op ingezet. Ook de manier waarop beslissingen worden genomen in Nederland, waarbij je samen naar een beslissing toewerkt, is een sterk punt. In Duitsland wordt al lang met interesse naar het poldermodel gekeken.”

En waar moeten ondernemers juist goed op letten, wat is belangrijk als je succesvol wilt zijn?

“De verwevenheid tussen Nederland en Duitsland is weliswaar groot en mensen ‘verstaan’ elkaar tamelijk goed, vaak ook letterlijk. Bovendien spreken veel mensen Engels. Dat helpt als je zaken wilt doen met elkaar. Maar juist dan wordt het belangrijk ook de verschillen goed in de gaten te houden. Elkaar begrijpen is een begin, maar je hebt een voorsprong als je de taal van de ander heel goed beheerst. Want juist omdat men over en weer elkaar begrijpt, kun je daarin te gemakkelijk worden. Door net dat beetje extra moeite te doen voor de ander, kun je het verschil maken."

Bron: Gibo Journaal

Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven