Interview met VOG-directeur Gerhard Dichgans

"Focus op nieuwe rassen en nieuwe markten"

Het Europese recordoogstjaar 2014 was een moeilijk seizoen - ook voor de appelverkoop in Zuid-Tirol. Ondanks een te groot aanbod en prijsverval hebben de fruitcoöperaties in de regio het jaar echter relatief goed doorstaan. VOG-directeur Gerhard Dichgans vertelt in een interview hoe de toekomst van de appelteelt in Zuid-Tirol eruit ziet.


VOG-directeur Gerhard Dichgans

Gerhard Dichgans, welke conclusies trekt u uit het afgelopen seizoen?
De uitdaging was om de grote oogst systematisch te verkopen en tegelijkertijd een prijsniveau te verdedigen waar veel teeltregio's, die in nog grotere moeilijkheden zaten, systematisch en maandenlang onder gingen zitten. Hierbij konden we gebruik maken van onze sterke punten: gediversifieerde afzetmarkten, een jarenlang netwerk van trouwe klanten en een breed assortiment. Deze drie factoren en de goede kwaliteit van het opgeslagen fruit hebben het ons mogelijk gemaakt om alle magazijnen op tijd te ruimen. Voor onze fruittelers blijft echter de bittere herinnering dat niet alle bij alle fruitsoorten en bij elke kwaliteit kostendekkende telersprijzen behaald werden.


Hoe hebben de verschillende afzetmarkten die de VOG bedient zich ontwikkeld?
In het afgelopen jaar werd er inclusief biologische waren ca. 60.000 wagons aan appelen verkocht, dat zijn 13.000 wagons meer dan in het voorgaande jaar. Aangezien Golden nog steeds het hoofdras in Italië is, was de prijsdruk van onze concurrenten alle 12 maanden voelbaar, vooral bij de belevering van de Italiaanse ketenbedrijven. Bij onze traditionele groothandelsklanten hebben we ons marktaandeel zelfs nog kunnen vergroten. Trekpaarden waren daarbij vooral Fuji, Gala en Granny, maar ook Pink Lady. Het was duidelijk dat de export naar Duitsland moeilijk zou worden, want de Duitse fruittelers hadden eveneens een recordoogst bijeen gebracht en in het Alte Land ontbrak het aan opslagruimte. In de tweede helft van het seizoen konden we wel een inhaalslag maken, en alles bij elkaar geteld hebben we dezelfde hoeveelheden verladen als een jaar eerder. We zijn gegroeid in Scandinavië, Engeland en – misschien verrassend en ondanks de recordoogst in Polen – in Oost-Europa. De grootste groeicijfers haalden we echter in het Nabije Oosten, Egypte en Noord-Afrika, en dit hoewel in sommige van deze landen de politieke en economische situatie op basis van dalende olie- en gasprijzen uiterst hachelijk is en de deviezen voor de import van levensmiddelen ontbreken. Gevraagd was vooral ons klassieke assortiment Golden, Gala en Red Delicious. Tenslotte heeft ook de zwakke eurowisselkoers ten opzichte van de Amerikaanse dollar geholpen om op de markt stand te houden tegenover de appelen uit de Verenigde Staten, die deze markten vele jaren gedomineerd hebben.

Het probleem in het afgelopen jaar was vooral de hoeveelheid. Zuid-Tirol moet veel produceren om haar positie vast te houden en tegelijkertijd haar hoge standaard en de kwaliteit waarborgen. Is dit op de lange termijn haalbaar? 
Een grote uitdaging voor de fruitteelt in Zuid-Tirol komt uit de nieuwe teeltgebieden in Oost-Europa. Daar zijn in de afgelopen tien jaar grote en moderne fruitplantages ontstaan met productiekosten die wij zeker niet kunnen evenaren. Met deze nieuwe concurrentie moeten we in de komende jaren rekenen, vooral bij de klassieke standaardrassen en in het goedkope prijssegment.
Onze fruitteelt met een hoge productiviteit moet daarom ook in de toekomst de basis zijn om de mondiale concurrentie aan te kunnen. We moeten ons misschien nog meer concentreren op onze sterke punten: kwaliteit, productiestandaard, dienstverlening. En natuurlijk is rasseninnovatie belangrijk om onze klanten met qua smaak unieke appelen aan ons te kunnen binden. Dit kan prima samengaan met een hoge opbrengst per hectare.

Hoe zien de optimaliseringen er concreet uit?
De strategische vraag luidt: hoe kunnen we ons van de concurrentie onderscheiden en voor de lange termijn onze klanten aan ons binden. We kunnen daarom geen genoegen nemen met 'middelmatigheid'. We moeten topkwaliteit en topservice leveren als we tot de kleine kring van topleveranciers willen horen. En het is bijzonder belangrijk om in het tweekleurige en rode assortiment de overstap naar de moderne kloon te bespoedigen, zodat we de door de markt geëiste standaard leveren en gelijke tred houden met de concurrentie. Een tevredenstellende opbrengst per hectare is in de toekomst alleen mogelijk als de geëiste kleurstandaard en kwaliteit steeds bereikt wordt.

Andere teeltgebieden kunnen het voorbeeld volgen en dezelfde weg inslaan…
…maar het komt ook op de snelheid aan waarmee we ons op de markt bewegen. En de optimaliseringen in het standaardassortiment alleen zijn ook niet voldoende. De tweede weg is de uitbreiding van ons aanbodpalet met nieuwe en eventueel octrooibeschermde rassen die ons kunnen verzekeren van een voorsprong op de langere termijn.

Welke rol speelt de biologische appel in de verkoopstrategie?
Natuurlijk hoort de appel uit biologische teelt tot ons aanbodpalet. De vraag naar biologische appelen groeit verder: in Engeland, Scandinavië en Duitsland. Maar we zijn blij dat Italië nu eindelijk ook de trend naar het bioproduct heeft ontdekt, zodat de binnenlandse markt steeds belangrijker voor ons wordt. Met de fruitcoöperatie Bio Südtirol hebben we een lidbedrijf dat zich exclusief op de verkoop van biologische waren gespecialiseerd heeft en die vooral wat betreft het aangeboden assortimentspalet tot de marktleiders in Europa hoort. Elk jaar neemt de coöperatie nieuwe leden op, zodat er in de komende jaren op een oogstvolume van meer dan 30.000 ton te rekenen valt.

Bron: www.raiffeisennachrichten.it

Publicatiedatum:



Ook onze nieuwsbrief ontvangen? | Klik hier


Ander nieuws uit deze sector:


Schrijf je in voor onze dagelijkse nieuwsbrief om al het laatste nieuws direct per e-mail te ontvangen!

Inschrijven Ik ben al ingeschreven