Mededelingen

Vacaturesmeer »



Tweetende AGF'ers

Laatste reactiesmeer »

Top-5 gisteren

Top-5 afgelopen week

Top-5 afgelopen maand

Koerslijstmeer »

Weer & verkeer

Weersverwachting
Nederland
Meer weer in Nederland




TLN positief over de economische cijfers Prinsjesdag

Prinsjesdag 2017: Dit gaat er veranderen

In een eerste reactie is Transport en Logistiek Nederland (TLN) positief over de economische cijfers die het demissionaire kabinet tijdens Prinsjesdag heeft gepresenteerd, zo laten zij weten. ​De economische groei lijkt ook de komende jaren aan te houden in Nederland. Goed nieuws voor Nederland, maar zeker ook voor de sector transport en logistiek.

Beleidsarm
Prinsjesdag 2017 is echter verder te typeren als relatief 'beleidsarm'. Nieuw beleid en nieuwe investeringen worden overgelaten aan het nieuwe kabinet. De verwachting is dat het nieuwe kabinet medio oktober haar Regeerakkoord zal presenteren.

Duurzame mobiliteit
Vanuit het demissionaire kabinet komt geen nieuw beleid. De reeds gereserveerde investeringen op het vlak van infrastructuur voor de komende jaren worden gehandhaafd. Teneinde Nederland in beweging, economisch aantrekkelijk en leefbaar te houden, wil het demissionaire kabinet meer inzetten op duurzame mobiliteit. Deels daaraan gekoppeld kondigt het een meer integrale manier van kijken naar mobiliteit aan.

Voorzet
'TLN ziet in deze integrale benadering een stap voorwaarts ten opzichte van de afgelopen jaren en hiermee lijkt het demissionaire kabinet reeds een voorzet te geven aan het nieuwe kabinet', aldus Arthur van Dijk, voorzitter van TLN.

In beweging houden
TLN is wel van mening dat de voorgenomen investeringen van het demissionaire kabinet in infrastructuur, innovatie en duurzaamheid Nederland niet vooruit gaan helpen. Om Nederland in beweging, maar bovenal economisch aantrekkelijk en leefbaar te houden, zijn forse extra investeringen de komende jaren noodzakelijk.

Meer geld reserveren
TLN roept het nieuwe kabinet dan ook op om de komende jaren echt structureel meer geld te reserveren voor (duurzame) mobiliteit en daarbij investeringen in aanleg en onderhoud van infrastructuur niet te vergeten.

Wat verandert er voor de Nederlandse burger?
Voor de meeste huishoudens blijft de koopkracht in 2018 nagenoeg gelijk. De meeste koopkrachtverschillen liggen tussen -0,5 procent en +0,5 procent. Dit blijkt uit berekeningen die het Nibud heeft gemaakt op basis van de Miljoenennota die op Prinsjesdag 2017 is gepresenteerd.

De koopkrachtstijgingen zijn zo klein dat de meeste mensen daar nauwelijks iets van zullen merken. De koopkrachtdalingen ziet het Nibud vooral bij AOW-gerechtigden met een aanvullend pensioen (hoger dan 10.000 euro). Voor hen kan de koopkrachtdaling oplopen tot bijna -1,5 procent. Het Nibud adviseert daarom iedereen financieel gezien voorzichtig te zijn, en de inkomsten en uitgaven goed op een rij te zetten.

Positieve stemming
Nibud waarschuwt voor te positieve stemming over koopkracht
Als er in de persoonlijke situatie van mensen niets verandert, verandert er volgend jaar ook weinig in de portemonnee. De koopkracht blijft dan nagenoeg gelijk. Het Nibud vindt het belangrijk om dit te benadrukken, omdat de stemming over de verwachte koopkrachtstijging behoorlijk positief is.

Consumenten kunnen hierdoor de indruk krijgen dat het in 2018 beter wordt. Maar ondanks de aantrekkende economie zullen de meeste huishoudens volgend jaar niet heel veel meer kunnen uitgeven dan dit jaar. Het is daarom belangrijk dat iedereen goed zijn inkomsten en uitgaven op een rij zet. Het Nibud heeft daarvoor het Persoonlijk Budgetadvies ontwikkeld.

Zorgpremie omhoog
Volgend jaar gaat voor iedereen de premie voor de zorgverzekering omhoog. Omdat ook de zorgtoeslag wordt verhoogd, zullen de meeste huishoudens die daar recht op hebben, niets merken van deze stijging. Huishoudens die geen recht hebben op zorgtoeslag merken de hogere premie wel in hun portemonnee: zij gaan er iets minder op vooruit.

Een alleenstaande die 25.000 euro per jaar verdient en daarmee recht op zorgtoeslag heeft, gaat er 9 euro per maand op vooruit. Een alleenstaande die 30.000 euro per jaar verdient en geen zorgtoeslag krijgt, gaat er 4 euro per maand op vooruit.

Het Nibud adviseert iedereen om dit najaar de zorgverzekering weer onder de loep te nemen. Tot een bepaald inkomen kunnen huishoudens in aanmerking komen voor de collectieve zorgverzekering die de gemeente aanbiedt. Dit is vaak een uitgebreid zorgpakket tegen een gereduceerd tarief, dat interessant kan zijn voor mensen met hoge zorgkosten.

Hoger eigen risico
Naast de hogere zorgpremie, stijgt het eigen risico van 385 euro naar 400 euro per jaar. Om de kosten van het eigen risico op te vangen, adviseert het Nibud om maandelijks een bedrag apart te leggen. Bij sommige zorgverzekeraars is het mogelijk om het eigen risico vooraf gespreid te betalen. Als aan het eind van het jaar blijkt dat het eigen risico niet is gebruikt, wordt het apart gelegde geld weer teruggestort.

Hogere zorgkosten zorgen voor hogere Zvw-bijdrage
Zzp'ers en AOW-gerechtigden moeten ook rekening houden met de stijging van de inkomensafhankelijke bijdrage Zvw, die via de Belastingdienst wordt geïnd. Deze stijging is van negatieve invloed op de koopkracht van deze huishoudens.

Mensen met extra zorgkosten afhankelijk van gemeenten
Een aantal jaren geleden is een groot deel van de inkomensondersteuning voor mensen met extra zorgkosten verschoven van de Rijksoverheid naar de gemeenten. Het lokale beleid hiervoor verschilt echter per gemeente en daardoor kan men in de ene gemeente meer ondersteuning krijgen dan in de andere. Middeninkomens en hoge inkomens hebben meestal geen baat bij dit gemeentelijk beleid.

In berekeningen die het Nibud voor belangenorganisatie Ieder(in) heeft gemaakt, ziet het Nibud dat de koopkracht voor mensen met een beperking of een chronische ziekte nagenoeg gelijk blijft. Gemeentes met een uitgebreid beleid voor chronisch zieken vergoeden de meeste zorgkosten voor iemand met een zware zorgvraag en een laag inkomen. Voor mensen met een hoger inkomen doen zij dat niet.

AOW'ers met aanvullend pensioen
AOW-gerechtigden met een aanvullend pensioen hoger dan 15.000 euro bruto per jaar gaan er op achteruit. Dit komt omdat het aanvullend pensioen gemiddeld genomen niet wordt geïndexeerd. Hierdoor moeten ook mensen die met prepensioen zijn en nog geen AOW krijgen, rekening houden met een koopkrachtdaling. De bruto AOW-uitkering stijgt wel, maar minder dan de lonen.

De ouderenkorting stijgt met 126 euro per jaar voor inkomens tot ruim 36.000 euro en dit is voor AOW-gerechtigden zonder of met een klein aanvullend pensioen voldoende om de verwachte uitgavenstijgingen in 2018 van te kunnen betalen. Zij gaan er dus iets op vooruit, maar zullen daar nauwelijks iets van merken omdat het om enkele euro's per maand gaat.

Bron: TLN/Nibud

Publicatiedatum: 20-9-2017

 



 

Plaats een reactie:

Naam: *
Woonplaats: *
Email: *
  E-mail weergeven
Bericht: *
Voer de code in
*

 

 

Ander nieuws uit deze sector: